Over de Wijn en de Hasjiesj vergeleken als middelen om de individualiteit te vermenigvuldigen
About this work
Dit boekje van de beroemde dichter, gepubliceerd in 1851, verscheen in Nederlandse vertaling in 1966, van de hand van dezelfde vertaler. De auteur schrijft over de wijn, zoals een verliefde man schrijft over zijn beminde, een "hooglied" in proza. "Niets evenaart de vreugde van de man die drinkt, behalve de vreugde van de wijn dat hij gedronken wordt". Veel kritischer uit zich de dichter in het tweede essay over het gebruik van hasjiesj, dat hij zelf niet geschuwd heeft. Dit essay is een voorstudie voor het uitvoeriger vertoog in "Onechte paradijzen", dat daarnaast de opium behandelt. Lof voor de vertaler, die het sprankelende van het origineel in het nederlands wist over te brengen. - Drs. H.A.L.A. Bogers
Where to find it
When identifiers are available, links use a visible edition; if not, they search for the work externally.
Edition identifiers ISBN-10 9065211292 · ISBN-13 9789065211293
